Nieuwe muziek
Als tiener schreef Talitha talloze eigen songs. Door haar intensieve werk als klassiek zangeres lag
het maken van eigen stukken een tijd stil. In de afgelopen jaren ontstond er op weer nieuw eigen
werk. Haar meest recente werk is When they come back. Dit is een semi-klassiek lied voor zang en piano:
OVERSTEKEN

Het album ‘Oversteken’ met collega-componist Hans Hasebos gaat nog dit seizoen worden opgenomen. Het
belooft een bijzonder album te worden waarin verschillende stijlen vloeiend door elkaar lopen.
De composities ontstaan in nauwe samenwerking en vaak op grond van improvisaties. De
klanktaal van beide musici vult elkaars werk aan en tilt het op. Het resultaat is muziek die niet in
een genre te vangen valt, met een unieke eigen signatuur. Een bonte mix van talen, thema’s,
stijlen, zin en onzin.
PAIS
In de samenwerking met heavy metal-gitarist Sjors van der Mark schreef Talitha op basis van
middeleeuwse melodieën een aantal nieuwe composities. Het duo is onder de naam Pais te
boeken voor concertzalen en theaters.
Fragment van de compositie Quen a omagen da virgen, gebaseerd op Cantiga 353 uit de Cantigas de Santa Maria, Spanje, 13e eeuw:
Tekst en poëzie
Toen ze 6 jaar oud was schreef Talitha een eigen tekst op haar favoriete kinderliedje en won met
haar act de 3e prijs in de lokale talentenjacht. In haar tienerjaren schreef ze vooral veel verhalen,
en later kwamen daar gedichten bij. Ze studeerde Literatuurwetenschap in Leiden. Ze heeft
Nederlandse hertalingen gemaakt voor opera’s en schreef een semi-geïmproviseerde nieuwe
introductie voor de voorstelling Peter en de Wolf, met daarin een centrale rol voor jager Hendrik-
Jan van Nietgeschoten tot Altijdmis.
Ze schrijft teksten voor een album dat ze maakt met componist/slagwerker Hans Hasebos, een
eclectische mix van stijlen, talen en genres.
Daarnaast schrijft ze poëzie.
komen en gaan
dus dit is wat er gebeurt.
een komen en een gaan.
er zijn momenten dat ik je verlaat
en jij mij.
we ondergaan het gelaten
doen onszelf in de vergetelheid.
ik val als pluis uiteen
er blijft niets van me over.
slechts een ritseling
een scheur in de tijd
en de was op mijn balkon.
Ochtend
Als de dag zich, vaal lichtend, uitrekt
Loop ik samen met de wind
Een silhouet op het water
Een vlok schuim
Het zingen van een vogel.
Ik zie een noot die een kraai
Laat vallen, op de harde grond
Om uiteen te spatten tot muziek
Bonte verf van klank
Op het zwarte asfalt.
Winter in het riet
Natharige pluimen
Een grauwe, zware lucht
Waar Ruisdael wel raad mee had geweten
Zelfs een koe.
Mijn oren vouwen open
In de stilte woont een melodie
Een wiegen openbaart
Mijn ongezien bewegen
Zie ik nu de koeien dansen?